boys will be boys

Wat is het verschil tussen een tak en een stok?

Die vraag stelde ik me toen ik de juf in spe consequent over takken hoorde spreken en twee jongens in haar klas voortdurend over stokken. Het antwoord dat ik ter voorbereiding van mijn feedbackgesprek ineen flanste kwam hier op neer: een tak is een afsplitsing van een boom of van een andere tak. Een stok daarentegen is een min of meer recht stuk van een afgebroken tak. We spreken niet voor niets van aftakkingen en van stokbrood en stokstijf. Met wat goede wil zijn alle stokken takken, maar niet alle takken ook stokken.

tak

Maar nee, ik sloeg de bal mis met mijn stok of tak. Het was niet zozeer een woordenschatkwestie, maar een gendervraagstuk. De juf zag overal takken in haar ontdekhoek, de jongens grepen alleen naar de stokken. De takken hadden naar verluidt verschillende soorten schors en soms zachte katjes. Het deelassortiment stokken werd door de boys enkel gekeurd op dikte, lengte en rechtheid.

We kunnen van de ene juf en de twee jongens geen veralgemeningen maken naar alle meisjes en alle jongens. Er waren ook jongens geïnteresseerd in de andere takken, maar er waren geen meisjes die zo geobsedeerd waren door de stokken dat ze niets anders ter hand namen om mee te slaan, te jongleren of te dreigen.

Het doet me denken aan een onderzoek naar genderverschillen in spel. Waar men in het rijke noorden ouders nog kan betichten van het bekrachtigen van genderstereotypen door rolbevestigend speelgoed te kopen, kan men dat argument in heel wat rurale streken in het zuiden niet opwerpen omdat er gewoon geen speelgoed gekocht wordt. Kinderen spelen met wat ze vinden of maken van wat ze vinden. Waar dat maïs is, speelt iedereen daarmee. Uniseks? Geen sprake van, de meisjes maakten poppen van kolven en knutselden de bladeren tot bedjes. De jongens vonden er iets in om op te trappen en mee op jacht te gaan. Boys will be boys.

Die gevleugelde woorden hebben eigenlijk een negatieve connotatie. Verwacht van mannen maar dat ze zich onverantwoordelijk, kinderlijk of boertig gedragen. Zo zijn ze nu eenmaal. Maar daarmee vergoelijk je tegelijk alles. Ze kunnen er niet aan doen.

We kunnen er niet aan doen.

Ook een jongen

Johan

Wat zouden de meisjes hier van denken?

leestip: Steuernagel, U. & Janssen. U (2005) Kinderuniversiteit. Nog meer antwoorden op de moeilijkste vragen van de wereld. Lannoo.

In het hoofdstuk: “Waarom vechten jongens en zijn meisjes tuttig?” (p63-89) wordt ook aan het maïsonderzoek gerefereerd. Je vindt er een wetenschappelijk kader om vanuit genderperspectief naar kinderen te kijken. De heel eenvoudige taal, gericht op 10- tot 12-jarigen, maakt dat je collega’s in de lagere school er rechtstreeks met de leerlingen mee aan de slag kunnen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s