Weer een weerkalender

“We kijken door de ruiten. Welk weer is het buiten?”

weerkalender
Als we een hele dag hebben binnen gezeten en ’s avonds terug op de fiets springen, verbazen we ons wel eens over de temperatuur. Maar als we ’s morgensvroeg met de kleuters de klas binnenkomen, vinden we het een overbodige vraag, al is ze verpakt in een schlager of een classic onder de kleuterhits. Iedereen weet het antwoord en niemand hoeft er voor naar buiten te kijken.

Gedaan met de domme routine
Is over het weer kletsen een kwestie van cultuur en socialiseren we de kleuters er daarom van kindsbeen af in? Het zou kunnen want eender wie al langer dan twee weken in het buitenland verbleef en met het thuisfront communiceerde, heeft ervaren dat hij ruimte moest laten voor geëmmer over het weer. Wordt dit een pleidooi om de weerkalender ritueel te verbranden na een laatste regendans? Nee, het wordt een betoog voor het ruilen van domme sleur voor sporadisch onderzoekend leren.

Weermannen, weervrouwen aller lande, verenigt u
We kunnen een kleuter vragen om aan het raam te kijken of er wolken zijn en de rest vragen stil en geduldig naar de rug van de weervrouw te staren tot die het passende pictogram in het weerhuisje gehangen heeft. Of we kunnen met zijn allen buiten op onze rug op een zeil intens naar de lucht kijken. Hoeveel wolken zien we? Hoe groot zijn ze? Welke kleur hebben ze? Hangen ze hoog of laag? Gaan ze snel of traag vooruit? We kunnen ze dus van naderbij onderzoeken, filmen, fotograferen, tekenen… er ons over verwonderen.

We zullen mussen of vliegtuigen zien, het ruisen van de wind in de populieren horen of het optrekken van auto’s voorbij de verkeersdrempel. De volgende keer zullen we weer wolken zien en toch zal het anders zijn. We zullen er een woordenschat voor vinden en beelden van maken. We zullen met onze fantasie figuren in de wolken zien, maar ze ook leren lezen. Is er regen op til?

Meteorologen zijn wetenschappers
Als leerkrachten kunnen we op basis van de weerberichten anticiperen. Wij weten op voorhand wanneer het weer zal omslaan en dus wanneer het zichzelf als gepast didactisch materiaal zal gedragen. Maar het is niet omdat wij meer weten dat we onze kleuters niet zelf vragen kunnen laten stellen en onderzoeksopzetten bedenken.
Hoe zouden we warmte kunnen vaststellen en neerslag meten? Hoe weten we hoe de hemel er ’s avonds uitziet? Wij kunnen in heel het proces helpen:

  • observaties systematiseren: hoeveel regende het deze week en hoeveel  vorige?
  • reflecties structureren: welke dag was de koudste en welke de natste? Zit er een patroon in en waren de zachtste dagen ook de droge?
  • conclusies kritisch bevragen: Zou er een verband zijn tussen neerslag en temperatuur? Zou dat in alle seizoenen zo zijn?
  • onderzoeksresultaten delen met anderen: de klasblog is vruchtbare grond voor een fijn artikel doorspekt met foto’s van botervlootjes vol regenwater en metende kleuters.

 

Opa: Wat regen is goed voor den hof.
Louise: Ja, opa en er is nog regen op komst. Ik heb vanmorgen op de barometer gekeken.

Hoe doorbreek je de wat-voor-weer-is-het-vandaag sleur?

Deel met iedereen hoe jij een van de grootste kleuterklas clichés omtovert tot een krachtig leermoment.

 

Sanne Feryn en Johan De Wilde

Meer lezen?
Steefeldt, C., & Wasik, B.A. (2006). Chapter 14: Children study their world: The life, physical, and earth sciences. In: C. Steefeldt, & B.A. Wasik, Three-, four, and five-years old go to school (pp.265-287). New Jersey: Pearson & Merill Prentice Hall.

3 gedachtes over “Weer een weerkalender

  1. Creatief omgaan met de weerkalender wordt een hoofdstuk uit ‘Maximaal Megataal. Een boek taal vol tips voor meer taal, meer denken en meer onderwijstijd in de tweede en derde kleuterklas.’ De boodschap is dat het oefenen van weerbegrippen beter uit het onthaal wordt gehouden en dat een weerpraatje in het onthaal beter functioneel is. Andere hoofdstukken behandelen creatief omgaan met andere aspecten van het onthaal, koek en drank, boodschappen voor thuis, schoenen aan- en uittrekken, kiezen, terugblikken, … Het boek zal verschijnen in de zomer 2016.

    Liked by 1 persoon

  2. Deze morgen kwam een kleuter binnen met een zoutkorrel die ze op de parking had gevonden. Zij dacht dat het ijs was. Doorgegeven in de kring en het voelde niet koud aan en smolt ook niet.
    Raar… als het geen ijs is, wat is het dan wel?
    Even stilstaan bij papa’s die de autodeur niet open kregen, oma’s die normaal de auto binnen zetten maar deze keer niet met als gevolg een bevroren voorruit. Uiteindelijk komen we op ’t feit dat het deze nacht heeft gevroren en het dus glad kon liggen, niet alleen voor ons maar ook voor de auto”s. Wat doen grote mensen dan omdat de auto’s niet zouden wegglijden ?
    Goeie vraag want dat wisten ze eigenlijk niet. Al ooit een vrachtwagen gezien waar langs achter zoiets uitkomt en je ts, ts hoort ?
    Jaaaaa! Da’s een strooiwagen.
    Wat strooit die dan ?
    Zout.
    Wel, dat is hier zo 1 korreltje strooizout.
    Kunnen wij dat ook eten ?
    Neen, want dat zout dat we kunnen eten is veel kleiner.
    Inderdaad, het zout voor in de aardappelen is veel fijner.
    Gevolg van heel het verhaal … en nu snel jassen aan want anders zijn we te laat voor ons wekelijks klasoverschreidend poppenspel.
    Maar zeg nu zelf, zo’n leermoment kun je toch niet laten schieten ?

    Liked by 3 people

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s