Het geheime recept: praatplaten om te reflecteren én te observeren

Straffe gesprekken hoorde ik vorige week tijdens mijn stagebezoeken. De kleuters zaten met vier of vijf aan een tafeltje met hun nieuwe leerkracht, een eerstejaarsstudent. Een praatplaat in het midden, vaak dubbel uitgeprint zodat iedereen kon meekijken. De kleuters reflecteerden over processen, technieken, hulpmiddelen, eigen ervaringen binnen het thema ‘bouwen’. Alle kleuters, ook de minder praatgrage of taalvaardige, kregen de kans om inzichten te verwoorden of te verankeren. Taalstimulering gebeurde via themawoordenschat, zinnen bouwen, spreekdurf, naar elkaar luisteren.

Het geheime recept?

  • Sterke klaservaringen om naar te verwijzen. De praatplaat kwam pas nadat de kleuters al heel wat hadden ervaren binnen het thema. De waarneming gebeurde de dag voordien: ze hadden een muur mogen bouwen, en echte cement mogen maken. Dat was heel dankbaar.
  • Van echt materiaal naar de plaat, en omgekeerd. Af en toe nam de leerkracht er een voorwerp bij om te vergelijken met de praatplaat: een kruiwagen, de pot met opgedroogde cement die de kleuters de dag voordien hadden gemaakt. Dat leidde tot interessante discussies: op de praatplaat is de cement nog nat, in onze pot is die droog. Hoe komt dat?
  • Niet zozeer de ervaring, maar de voorbereiding. Het ging om eerstejaarsstudenten! Voor de meesten van hen de allereerste keer om zo’n gesprek te begeleiden. Ze hadden wel al op voorhand goede vragen voorbereid: een mix van denkvragen, kennisvragen, vragen naar de eigen ervaringen van de kleuters.
  • Een authentiek gesprek. De ene anekdote maakt de andere los. Daarom vertelde de leerkracht een eigen anekdote over het thema. En ja, dat maakte de tongen van de kleuters los.
  • Aandachtsmanagement van de kleuters. Heel wat studenten kleefden de plaat vol post-itnotes. De kleuters mochten één voor één een post-itnote verwijderen. Dat was niet alleen spannend, maar dit zorgde er ook voor dat iedereen naar hetzelfde keek. Daarnaast werd het gesprek af en toe onderbroken met een leuk spelletje. Te lang mocht het sowieso niet duren.
  • Aandachtsmanagement van de leerkracht. Doordat er maar vier-vijf kleuters rond de tafel zaten en de leerkracht haar handen vrij had, kon ze zich helemaal op dat gesprek focussen. Daardoor kwamen de kleuters evenwichtiger aan bod. In een grote groep had ze ook nooit bij iedereen kunnen checken of ze de belangrijkste ideeën meehadden. Nu lukte dat wel.
  • Een goede praatplaat (bijv. uit een prentenboek). Een goede praatplaat roept vragen op, prikkelt de fantasie, is te verbinden met eigen ervaringen en klaservaringen. Heel wat prentenboeken bevatten prachtige tekeningen met zo veel sprekende details dat het zonde zou zijn om hier geen gesprek aan te wijden. Soms is één prent voldoende. Soms kan je er zelfs twee kiezen en deze met elkaar vergelijken.

Misschien zou je nog een ingrediënt aan mijn lijstje willen toevoegen? Ik ben benieuwd naar jouw reactie.

Deze beloftevolle eerstejaars kregen steun van hun taaldocente Goedroen Van Lunenburg, de pedagogen, en de ervaren kleuterleerkrachten die hen begeleiden in de klas.

En nu nog observeren

Inspecties hameren er tegenwoordig op dat leerkrachten controleren bij hun kleuters of ze de themawoordenschat beheersen. Wist je dat een praatplaat een goede gelegenheid is om dit te doen? Bovendien kan je een brede kijk krijgen op de productieve taalvaardigheid van de kleuters door het volgende te doen (uit Bond & Wasik, 2009):

  1. Noteer van elke kleuter twee of drie zinnen. Kies de beste en mooiste zinnen die deze kleuters hebben uitgesproken. Op die manier kan je hun vaardigheid inschatten om zinnen te bouwen (en hen hier ook in stimuleren). Over de maanden heen zal je een mooie evolutie kunnen zien.
  2. Noteer doelwoorden die de kleuters al zelf in de mond nemen, en doelwoorden die ze begrijpen als jij ze gebruikt.
  3. Neem ook nota’s over spreekdurf, over actief luisteren naar elkaar, over elkaars beurten respecteren, over de interesses van de kleuters.

Uiteraard zal je de kennis van de themawoordenschat niet systematisch kunnen observeren: je zal niet van alle kinderen voor alle woorden weten of ze deze kennen. Dat is misschien ook niet realistisch om tweewekelijks te doen. Toch geven deze observaties je al heel wat houvast om jouw doelen bij te werken en om inzicht te krijgen in de evolutie van individuele kleuters en hen hierbij te ondersteunen.

Bronnen:

Bond, M. A., & Wasik, B. A. (2009). “Conversation Stations:” Promoting Language Development in Young Children. Early Childhood Education Journal, 36(6), 467-473. (Hier wordt nog iets anders aangeraden: een babbelhoekje in de klas.)

De praatplaat komt uit: Rentta, S. (2013). Een dag met de dierenbouwers. Uitgeverij Leopold.

 

2 gedachtes over “Het geheime recept: praatplaten om te reflecteren én te observeren

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s