STEM voor jongens én meisjes!

Vind je dat meisjes even zeer het recht hebben als jongens om hun STEM-talenten te ontwikkelen? In de praktijk zien we echter dat het aantal meisjes dat kiest voor STEM-richtingen beperkt blijft. Dat is jammer aangezien meisjes in STEM-beroepen zowel economisch als maatschappelijk een meerwaarde betekenen.

Vaak hebben we de neiging om bij STEM-onderwijs de link te leggen met de harde wetenschappen en in één adem door met jongens. Door het te hebben over ‘professoren’ of ‘timmermannen’ geven we onbewust de boodschap door dat het niets voor meisjes is (zie ook project STEMsters). Het beeld dat het de vaders zijn die de boormachine hanteren blijft bovendien dominant aanwezig in de klas en daarbuiten. Het is niet gemakkelijk om hier tegen op te boksen. In al mijn enthousiasme zou ikblogkirsten1 dan volop een pleidooi willen houden voor meer gelijkheid, zoals ik me op vakantie na het zien van dit bord in de Sloveense hoofdstad Ljubljana voor had genomen. Maar uit de vele initiatieven die focussen op het enthousiasmeren van meisjes voor STEM-richtingen of STEM-beroepen blijkt dat het niet zo eenvoudig is.

Het verhaal is immers best wel complexer dan inzetten op voor jongens en meisjes een gelijk aanbod creëren in de klas. Het is dus niet voldoende om zowel jongens als meisjes aan te zetten om in de demonteerhoek te spelen. Jij als leraar bent immers essentieel om meisjes warm te maken voor STEM, hoe complex het probleem ook is (Blickenstaff, 2005). Je rol en houding kunnen reeds een wezenlijk verschil maken om kinderen eventuele interesses te laten ontdekken, daarom geef ik enkele suggesties voor in de kleuterklas:

  1. Vermijd stereotiepe uitspraken, op weg naar gelijkwaardigheid.

Een uitspraak als ‘De jongens in mijn klas kunnen goed timmeren!’ kan er immers toe leiden dat meisjes de keuzeactiviteit links laten liggen en dus ervaringskansen laten voorbij gaan. Zo kan een stereotiepe uitspraak voor aanvang van een activiteit het spel gaan bepalen of het stressniveau verhogen waardoor het leereffect lager komt te liggen.

  1. Bouw aan positieve ervaringen met STEM-onderwerpen.  

‘Zelf onderzoeken’ bevat veel kansen om jonge kinderen met veel plezier STEM te laten ontdekken. Houben (2016) formuleert het als volgt: Om kleuters te prikkelen om zelf op onderzoek uit te gaan, bieden natuurwetenschap en techniek oneindige mogelijkheden. Zet een bak water neer, laat de kinderen spetteren, en ze hebben al druppels: een mooi vertrekpunt voor een verdere ontdekkingstocht.’ In het Vlaamse onderwijsveld hebben sinds 2005 reeds vele stappen voorwaarts gezet, en dat we hier nu nog bewuster mee kunnen omgaan. Het niet opdoen van positieve ervaringen met STEM-onderwerpen in de kleuterklas komt immers vaak naar voor als een mogelijke reden om geen studiekeuze te maken richting STEM (Blickenstaff, 2005).

  1. Bouw aan zelfvertrouwen bij kinderen.

‘Ik kan dit’, dat moeten meisjes ervaren. Ze hebben immers minder zelfvertrouwen te als het op STEM aankomt (VRWI, 2012). Het is dus cruciaal om kinderen zich competent laten voelen. Het is dus belangrijk dat meisjes kansen krijgen om zich te tonen en competent te voelen. Kinderen zelf materialen laten hanteren, problemen laten oplossen, luisteren naar hun redeneringen en er samen mee aan de slag gaan zijn maar enkele elementen die hiertoe kunnen bijdragen. Trap daarenboven zeker niet in de val om te bevestigen dat de ‘jongens hier beter in zijn.’

  1. Toon rolmodellen.

Volgens onderzoek kunnen meisjes zich minder identificeren met mannelijke technici, wetenschappers en ingenieurs (VRWI, 2012). Daarom een oproep om nu reeds op zoek te gaan naar vrouwelijke rolmodellen wanneer jullie op leeruitstap trekken naar de technica, wetenschapster of ingenieure. Ook als je experten in de klas uitnodigt, kan het nuttig zijn om even op zoek te gaan naar een vrouw.

  1. Bouwen aan STEM-verhalen.

Wanneer je een thema uitwerkt met bijvoorbeeld een focus op wetenschap, is het belangrijk om dit ruimer te zien dat het aanbieden van een wetenschapsproefje.

Vraag eerst aan de kleuters wat ze willen. Wat denk je van volgende vragen? ‘Hoe kunnen we met de volledige klas een theaterstuk uitwerken?’, ‘Kunnen we dit in al zijn facetten realiseren, van belichting tot drukken van folders, van muziekinstallaties tot plaatsing op het podium?’, of ‘Hoe kunnen we een modeshow uitwerken met materialen die we recycleren?’, ‘Kunnen we kleren maken, een catwalk bouwen,…?’

Met deze vragen zet je de eerste stap naar ruime projecten met verschillende invalshoeken, waarbij de kinderen mogelijkheden krijgen om hun voorkeuren te ontdekken binnen STEM. Dit kan bovendien bijdragen aan het beeld dat STEM helemaal niet veraf staat van hun dagdagelijkse leven.

Uit onderzoek blijkt dat meisjes gevoeliger zijn voor een interessante contextuele benadering (Bijvoorbeeld de effecten van lichtinval op kleuren gaan onderzoeken wanneer dit relevant is om de belichting van de modeshow te bepalen), terwijl jongens gemakkelijker te motiveren zijn met ‘gevaarlijke experimenten’ (Bijvoorbeeld een risicovolle chemische proef uitvoeren) (Van Houte, Merckx, De Lange & De Bruycker, 2013).

  1. Geef een realistisch beeld van STEM

Vaak denken we nog teveel dat STEM het volgen van stappenplannen is of het komen tot exact dezelfde oplossingen als de basisproef. Hierdoor gaan we voorbij aan het feit dat wetenschap fouten toelaat om tot nieuwe inzichten te komen. Verder verliezen we vooral ook de kracht van verbeelding, creativiteit, chaos en intuïtie uit het oog, wat net ook drijfveren zijn voor kinderen om te leren. Een wetenschapper hanteert immers vaak ook dezelfde werkwijze als een kind dat op zoek gaat naar de woonplaats van de kabouters op school. Marie Curie omschrijft het als volgt: ‘A scientist in his laboratory is not a mere technician: he is also a child confronting natural phenomena that impress him as though they were fairy tales.’

Kirsten Devlieger, Arteveldehogeschool

 

Bronnen
  • www.stemsters.be
  • Blickenstaff, J. C. (2005) Women and science careers: leaky pipeline or gender filter? Gender and Education, 17(4), 369‐386.
  • Houben, Y. (2016) Samen op ontdekkingsreis, De wereld van het jonge kind, 44 (8), 22-25.
  • Van Houte, H., Merckx, B., De Lange, J. & De Bruyker, M. (2013) Zin in wetenschappen, wiskunde en techniek? Leerlingen motiveren voor STEM. Acco: Leuven/Den Haag.
  • VRWI (2012) Kiezen voor STEM. De keuze van jongeren voor technische en wetenschappelijke studies. VRWI studiereeks 25

 

4 gedachtes over “STEM voor jongens én meisjes!

  1. Als een voorbeeld hoe diep (en wijdverbreid) de associatie informatica en manlijk is: In het uitertst aardige verhaal over de eerste computermuziek http://www.bbc.com/news/magazine-37507707 wordt verteld over mannen en worden er foto’s getoond van mannen.
    Open vraag blijft wie precies de muziek gecodeerd heeft …
    Luister dan naar de opname en hoor de dames lol hebben. De opname is uit een tijd dat een computer geen apparaat maar een mens was, meestal van het vrouwelijk geslacht.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s