Muzisch taalleren: een opportuniteit voor talige interactie of chaos in de klas?

Bron van de foto: Muzische workshop studenten PXL in De Luchtballon in Heusden-Zolder.

Muzisch werken is sinds oudsher één van de pijlers van de lerarenopleiding. Toch waren we verrast om in de feedbackfiches van onze inspiratiegids ‘taalCULTuur’ reacties te lezen in de zin van: ‘kinderen vonden het fijn om op muziek te tekenen, maar het kan druk worden in de klas, drukker dan normaal’. ‘De kinderen kunnen geen noten lezen, dus het muziekstuk was erg chaotisch’.
Pakken we ons onderzoeksproject helemaal fout aan? Is muzisch taalleren dan toch geen goed idee?

Versterkt muzisch werken het taalleren?

In het onderzoeksproject ‘taalCULTuur’ onderzoeken we hoe je schooltaal kan aanleren door muzisch werken. Waarneming vergemakkelijkt het taalbegrip. Muzische activiteiten prikkelen de persoonlijke verbeelding.

Uit meerdere onderzoeken blijkt dat kinderen intrinsiek gemotiveerd zijn om betekenis te geven aan taal (Kuiken & Vermeer, 2014). Ook muzisch werken is een natuurlijk proces dat kinderen spontaan toepassen om de eigen beleving tot uitdrukking te brengen (Crul, 2013), op voorwaarde dat er veel ruimte is voor experimenteren en persoonlijke interpretaties. Beeld, drama, muziek en actief leren brengen taal op een rijke manier in beeld. Door de muzische activiteiten taliger te maken worden de nieuw aangeleerde woorden tijdens verschillende activiteiten op natuurlijke wijze ingeoefend.

En wat met talige interactie?

Samen muzisch werken nodigt uit tot interactie. Wat kinderen niet met taal kunnen uitdrukken, drukken ze uit met beelden, beweging of klank. Ze tekenen hun boodschap, beelden ze uit of verklanken ze. Een muzische activiteit wordt steeds afgerond met een toonmoment. Dit is een uitgelezen kans voor het talig delen van persoonlijke ervaringen. Taal helpt het creatief proces concreet te maken. De kinderen leren dat eenzelfde concept op verschillende manieren kan worden verbeeld of verklankt, zonder dat het ene resultaat beter is dan het andere. Dit verhoogt de verbondenheid en het zelfvertrouwen en leert kinderen met een open houding naar de werkelijkheid te kijken en verschillen te aanvaarden (Frey & Fisher, 2008; Crul, 2013).

Andere stereotype reacties

Wanneer we leraren aansporen om muzisch te werken, reageren een aantal onder hen vaak vanuit een persoonlijke angst of frustratie. ‘Ik kan niet tekenen’. ‘De kinderen in mijn klas kunnen nog geen noten lezen’. ‘Er is geen tijd in onze drukke weekplanning’. Toegegeven, het is (gelukkig!) geen algemeen gegeven, maar toch.

In onze inspiratiegids geven we duidelijk aan dat een muzische workshop niet mag worden herleid tot het technisch kopiëren van een bestaand kunstwerk en dat het voor de kinderen bevrijdend werkt wanneer ze merken dat de leerkracht eveneens probeert, experimenteert en (mis)lukt. Ook voor de leerkracht is dit een opluchting: niet het vlekkeloze eindresultaat telt maar het creatieve zoekproces. Muzisch werken is zichzelf ontdekken en uitdrukking geven aan eigen ervaringen en verbeelding (Crul, 2013). Bovendien blijkt uit onderzoek dat visueel en beeldend onderwijs niet alleen een rijke aanvulling is bij verbaal onderwijs. De kinderen onthouden het geleerde beter en langer (Marzano, 2011).

Liever geen muzisch taalleren?

De feedback die we kregen op onze inspiratiegids ‘taalCULTuur’ is in de eerste plaats hartverwarmend en hoopgevend. Leraren bevestigen dat kinderen dankzij muzisch werken actiever betrokken zijn. Ze zien ook tijdens het creatief proces raakvlakken met taal, wiskunde en wetenschappen. Een school gaf aan dat ze een workshop beeld had ingezet voor interactief vertellen in de eerste graad en creatief schrijven in de derde graad. Er werd tijdens een les wiskunde of taal verwezen naar een muzische workshop om een aantal schooltaalwoorden te verduidelijken. Leraren zien raakvlakken met andere vakken en worden ook opmerkzaam voor details.

Laat dit een pleidooi zijn om open en speels muzisch te leren. Hopelijk hebben we ook u als lezer kunnen inspireren!

Karen Reekmans, Catherine Roden en Kris Nauwelaerts (PXL)

TaalCULTuur is een driejarig PWO-project van de Hogeschool PXL, uitgevoerd door Karen Reekmans, Catherine Roden, en Kris Nauwelaerts i.s.m. de studenten van Education, MAD en Music en enkele meertalige scholen in Limburg.

 

Referenties

Frey, N. & Fisher, D. (2008). Teaching Visual Literacy. Using comic books, graphic novels, anime, cartoons and more to develop comprehension and thinking skills. Thousand Oaks: Corwin Press.

Kuiken, F. & Vermeer, A. (2014). Nederlands als tweede taal in het basisonderwijs. Amersfoort: ThiemeMeulenhoff.

Marzano, R. (2011). De kunst van wetenschap van het lesgeven. Vlissingen: Bazalt.

Reekmans, K., Roden, C., Nauwelaerts, K. (2016). Betekenisvol leren op school als je thuis een andere taal spreekt: met beelden en muziek lukt het beter. School- en klaspraktijk, 36-45.

Reekmans, K., Roden, C., Nauwelaerts, K. (2017). Art and music help refugee children to learn the school language. EAPRIL proceedings, 178-187.

Een gedachte over “Muzisch taalleren: een opportuniteit voor talige interactie of chaos in de klas?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s